Natuurgebieden.

Beekbergen en Lieren liggen in een van de mooiste natuurgebieden van Nederland, de Veluwe.

(bron Wikipedia) De Veluwe is een overwegend beboste landstreek in de Nederlandse provincie Gelderland en een voormalig kwartier van het hertogdom Gelre. Kloksgewijs vanaf het stadje Hattem in het noorden wordt het gebied ruwweg begrensd door Apeldoorn, Dieren, Arnhem, Wageningen, Ede, Barneveld en Harderwijk. Ten onrechte wordt het soms gelijkgesteld met Nationaal park De Hoge Veluwe dat er minder dan een twintigste deel van uitmaakt.

De Veluwe is het grootste laaglandnatuurterrein van noordwest-Europa, en meet ongeveer 1000 km². Grote delen van de Veluwe bestaan uit stuwwallen uit de Saale-ijstijd. Ten noorden van Rheden, in het Nationaal Park Veluwezoom ligt bij het Rozendaalsche veld het hoogste punt van de Veluwe op 110 meter hoogte. Dit is de hoogste stuwwal van Nederland en het hoogste punt van Nederland buiten Zuid-Limburg. In het noorden liggen onder andere het stuifzandgebied Leuvenhorst en het Leuvenumse Bos.

De natuur op de Veluwe bestaat uit diverse beheerseenheden, waarvan de Koninklijke Houtvesterij Het Loo (97 km²) de grootste is. Veel bos op de Veluwe is in de periode 1895-1920 aangelegd om stuifzand vast te leggen. Rond 1850 was een derde van de Veluwe bedekt met stuifzand, nu omstreeks een procent. Vooral de grove den bleek geschikt om stuifzand vast te leggen. In de periode 1895-1932 werden grote delen van de Veluwe ingerasterd, in bijna alle gevallen omdat de eigenaren wilden jagen. De wildstand op de Veluwe was zeer laag, en aan het kleine formaat van bewaard gebleven gewei uit die tijd is de menselijke druk af te lezen. Dus werden er dieren geïmporteerd en uitgezet in stukken Veluwe met hekken eromheen.

Het wild zwijn bijvoorbeeld werd geherïntroduceerd op de Veluwe door Prins Hendrik, de man van Koningin Wilhelmina. Edelherten waren er nog wel, maar de resterende populaties werden uitgebreid met import. Op zijn jachtterrein De Hoge Veluwe liet de Rotterdamse handelsman Anton Kröller herten uit Oost-Europa uitzetten nadat hij de resterende autochtone Veluwse herten had laten afschieten. Het is aannemelijk dat hij dit deed om de zwakke populatie te vervangen door een gezondere; dit hielp echter maar tijdelijk, want de zwakte werd veroorzaakt door menselijke druk. De nieuwe populatie verzwakte eveneens en leefde pas na de tweede wereldoorlog weer op door veranderd beheer. Kröller liet ter verhoging van zijn jachtgenot ook moeflons komen uit het Middellandse Zeegebied, en kangoeroes uit Australië. Later is de raaf met succes opnieuw geïntroduceerd op de Veluwe, en er leven inmiddels tientallen exemplaren die ook uitzwermen naar omringende gebieden.

Op de websites van Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en "het Gelders Landschap" staan enige detailpagina's over de natuurgebieden rondom Beekbergen en Lieren:

 

Webdesign Beekbergen

 
www.dorpbeekbergen.nl, www.dorplieren.nl, www.beekbergen-gastvrij.nl en www.dorpsraadbeekbergen.nl zijn initiatieven van de Dorpsraad Beekbergen en Lieren